Neonicotinoïden zeer schadelijk voor bijen, vlinders en zweefvliegen

Neonicotinoïden zijn nog schadelijker dan gedacht. Wilde bijen, vlinders en zweefvliegen zijn erg kwetsbaar voor een kleine dosis van deze insectendodende bestrijdingsmiddelen. Ook zijn negatieve effecten op insectenetende vogels aangetoond. Dit blijkt uit een rapport van internationale wetenschappers.

Al eerder werden neonicotinoïden verantwoordelijk gehouden voor de massale sterfte onder honingbijen. Mede daarom heeft de Europese Unie in 2013 een verbod van twee jaar op het gebruik van neonicotinoïden afgekondigd in afwachting van meer onderzoek. Nu dit verbod bijna afloopt, komt het wetenschappelijke adviesorgaan van de EU (EASAC) naar buiten met het onderzoek.

Daaruit blijkt dat neonicotinoïden zeer schadelijk zijn voor andere bestuivende insecten, zoals wilde bijen, vlinders en zweefvliegen. Daarmee wordt ook onze voedselproductie bedreigd, omdat veel landbouwgewassen van deze bestuiving afhankelijk zijn. Ook zijn insectenetende vogels, zoals spreeuw en boerenzwaluw, achteruitgegaan in gebieden waar een hoge concentratie aan neonicotinoïden aanwezig is in het oppervlaktewater.

Neonicotinoïden zijn insecticiden die sinds de jaren negentig in gebruik zijn. Ze werken in op het centrale zenuwstelsel van insecten. In Nederland worden deze stoffen veel toegepast in de bollenteelt, in akkerbouwgewassen, in kassen en in de (fruit)boomteelt. Een belangrijke toepassing is de behandeling van zaaizaad: vóór het planten krijgen zaden een coating van een neonicotinoïde. Het insecticide verspreidt zich vervolgens door de groeiende plant, zodat die giftig wordt voor alle insecten die ervan eten. Daarnaast wordt het middel in kassen en in de (fruit)boomteelt voornamelijk door middel van een bespuiting toegepast.

De middelen komen ook in de bodem en het oppervlaktewater terecht. Hierdoor ontstaat een zelfversterkende spiraal. Het negatieve effect op de biodiversiteit leidt er uiteindelijk toe dat landbouwers juist nog meer op neonicotinoïden worden aangewezen om schadelijke insecten uit te schakelen. De EASAC adviseerde de Commissie daarom om sterke maatregelen tegen het gebruik van neonicotinoïden te nemen en het verbod op de producten misschien zelfs definitief te maken.

Neonocitinoïden zijn ook aanwezig in middelen voor particulier gebruik in de tuin, zoals in middelen tegen mieren en in potgrond. Het is dus goed om hierop bedacht te zijn en dit soort middelen niet meer te kopen.

Meer informatie
Lees meer over de schadelijke effecten van neonicotinoïden.