In zwoele nachten is de bronst op z’n hevigst

Neus aan de grond. De reebok volgt het geurspoor van een geit. Het is augustus, de bronst van reeën. De klieren aan de achterlopers van de reegeit laten in hoog gras een geurspoor achter. De zesender ruikt ook waar ze heeft geplast. Onstuimig volgt hij het spoor, steekt wegen en paden over, vindt snel het spoor terug en blijft zoeken totdat hij haar vindt. Dan gaat hij drijven, want de geit geeft zomaar niet toe. Urenlang achtervolgt hij haar, de mond open.

Neus aan de grond. Kapitale zesender.
Foto: L’udo Remeník

Haar geur is onweerstaanbaar. In opslag van berken volgt een caroussel. In cirkels lopen de dieren rond, soms in een acht, totdat de geit toegeeft en de bok haar kan beslaan.

Plassende reegeit. Een bronstige bok ruikt dat.
Foto: Hero Moorlag

In zwoele nachten is de bronst op z’n hevigst. Je hoort de bokken roepen, beuh-beuh. Het geluid van oudere bokken klinkt zwaarder dan dat van jongere zesenders. Meerdere keren beslaat de reebok zijn minnares. Een gaffelbok die graag aan de bronst wil meedoen, wordt hardhandig door de zesender uit het territorium gezet. Hij heeft geen schijn van kans en zal nog minstens een jaartje moeten wachten. Maar ook dan zal hij als jonge zesender het moeten opnemen tegen een ervaren oudere bok.

Gaffelbokje. Hij maakt geen schijn van kans tijdens de bronst.
Foto: Hero Moorlag

Oudere zesenders vallen op een smalree. Ze is vorige jaar in mei geboren, heeft afgelopen juli haar laatste kiezen gewisseld, is nog nooit beslagen, maar nu wel geslachtsrijp. Ze is kalf af. De zesender doet er alles aan haar te veroveren. In zijn territorium is een smalree de eerste geit die hij beslaat. Eenmaal beslagen en drachtig is ze volwaardig reegeit geworden. Haar puberteit duurde maar kort.

Reeën hebben een voordraagtijd. In de wintermaanden, waarin het voedsel minder energie oplevert, staat de groei van de vrucht stil. Reeën leven in die periode in sprongen, groepen. Een doorsnee wintersprong in Drenthe bestaat uit vijf dieren. In het voorjaar groeit de vrucht uit tot een kalf dat eind mei kan worden geboren. De geiten verlaten de sprong om hun kalf op een verborgen plek te zetten. Smalreeën krijgen meestal maar één kalf, oudere reegeiten twee.

De bronst is de mooiste tijd voor reeën, hoewel ook de gevaarlijkste. De meeste aanrijdingen komen tijdens de bronst voor, omdat de dieren in hun liefdesspel zomaar wegen oversteken. Is de nazomer warm, dan kan de bronst tot in september duren.