Aaldrik

De natuurlijke wereld is voor mij een dagelijkse bron van plezier. Al vanaf jongs af aan ben ik het liefste buiten en kijk ik vooral uit naar dieren met een vacht of veren. Ik ben opgegroeid aan de kust van Groningen en heb daardoor een stevige band met de zilte natuur gekregen. Later raakte ik erg onder de indruk van ruige berglandschappen. Tegenwoordig ben ik vooral veel in bosrijke streken van Drenthe te vinden.

Na mijn studies natuurbeheer & milieucommunicatie werkte ik onder meer bij de Stichting het Groninger Landschap en in de journalistiek. Nog steeds schrijf ik graag voor allerlei media over natuur. In het dagelijks leven werk ik bij Staatsbosbeheer. De afgelopen tien jaar als boswachter in de Kop van Drenthe en nu als provinciaal adviseur. Ik hou me onder meer bezig met onderwerpen als groot wild en natuurlijke landschappen. Zo’n twintig jaar geleden raakte ik in de ban van het zoeken naar diersporen.

Op een reis in Oost- Polen wees een gids me de sporen van een wolf, das en edelhert en dat op nog geen tien vierkante meter. Niet veel later ging ik als boswachter van Staatsbosbeheer eens mee met een dierspoorexcursie van Annemarie van Diepenbeek en zij wakkerde het vuurtje echt aan. Vanaf dat moment is het zoeken naar, interpreteren van en vertellen over diersporen niet meer weg te denken uit mijn dagelijkse leven. Ik heb gemerkt dat het kunnen herkennen en interpreteren van sporen vooral bij de zoogdieren een onmisbare vaardigheid is geworden bij inventarisatie en monitoring. Zelf kijk ik onder meer intensief naar het voorkomen en de ecologie van das, vos, ree, otter en boommarter en andere marterachtigen. In de vogelwereld hebben raaf, bosuil en grauwe klauwier mijn bijzondere interesse.

Lees mijn blogs

Het konijn: steeds minder gewoon

Toen ze nog heel algemeen waren, haalde je er je neus voorop. En nu ze wat minder algemeen zijn geworden, loop je er nog steeds gemakkelijk aan voorbij: wilde konijnen. Hoe onterecht, want naast dat het gewoon prachtige dieren zijn, houden ze er ook nog eens een intrigerend leven op na. Van konijnen herinner ik

Verloren woord: ortolaan

Vorige week hoorde ik de geelgorzen weer voorzichtig zingen. Niet zo gek, de temperatuur was volgens het metertje in mijn auto opgelopen tot 17 graden. Zijn liedje, dat vaak geassocieerd wordt met de eerste noten van de beroemde Vijfde symfonie van Beethoven, klinkt mij in altijd als muziek in de oren: voorjaar in aantocht. Ti-Ti-Ti-Tieeee…

De bunzing - oude liefde roest niet

De eerste bunzing die ik zag, zat vast gespietst aan een riek. Het moet ergens midden jaren tachtig zijn geweest. De boer waar ik na schooltijd hielp bij het koeien melken, had een hekel aan alle dieren met scherpe tanden omdat ze zijn kippen roofden. Voor mij was dat macabere moment juist het begin van

Boerenzwaluwen , ruimtereizigers op aarde

Hoogleraar trekvogelecologie Theunis Piersma vroeg zich onlangs tijdens in een interview af waarom we toch zo graag het heelal willen verkennen, terwijl je ook ruimtereizen op aarde kunt maken. Als we maar door de ogen van andere wezens naar die aarde zouden kijken… Aan deze vraag van Piersma moest ik denken toen ik eind vorige week tot

De onweerstaanbare en fascinerende mol

Heeft een mol ook nut?’ Ik moet eerlijk zeggen dat ik wat uit het veld geslagen was toen ik deze wat suggestieve vraag voor het eerst kreeg. Het zal een jaar of 20 geleden zijn bij een lezing over zoogdieren voor een groep IVN-natuurgidsen in opleiding. De vraag kwam weer bij me boven toen ik deze week